Sanctus Hubertus


Synoniemen: geen

Herkomst: Een ras van Belgische origine, ontwikkeld door E.Swerts rond 1950 door een
kruising van de Mater Dolorosa ( = Early Laxton x Reine Claude Verte) met de Early Rivers.
De commerciŽle introductie door een boomkweker vond plaats in 1966.

Vrucht: De huid is paarsblauw met een witblauw waas, dat vooral in de groef duidelijk blijft
zitten. Het vruchtvlees is geelgroen, saprijk met een licht-zure bijsmaak bij onvoldoende
rijpheid. De vorm is assymmetrisch met een duidelijke groef, die de vrucht duidelijk verdeelt
in een bredere en hogere helft en een smalle, kortere helft.

Steel: kort, ongeveer 1,5 cm. Hij staat in een smalle en diepe holte, waardoor hij maar weinig
boven het vruchtvlees uitsteekt.
Steen: ovaal, smal en vastgehecht aan het vlees, gemiddeld 26 mm. lang, 14,5 mm breed en
9,3 mm dik.

Boom: Zwakke groei met hangend vruchthout.

Teelt: De produktie zet vroeg in, is regelmatig en zeer goed dragend; vruchtdunning is
noodzaak. De bloeitijd is middentijds tot laat. Het ras is zelf steriel en heeft dus
kruisbestuiving nodig.

Bizonderheden: een van de weinige pruimenrassen die in de tweede helft van de 20e eeuw
succesvol is geÔntroduceerd op de markt.

Kwaliteit: Pluspunten zijn de kleine boomvorm, de hoge dracht, de gemakkelijke groei, de
vroege rijpheid en de snelle aanvang van de produktie.
Negatieve punten zijn de vatbaarheid voor bacteriekanker, het gemakkelijk
scheuren van de vruchten bij vochtig weer, de gevoeligheid voor vruchtrot en de neiging tot
gommen. Tenslotte laat de smaak bij onvoldoende dunning en te vroeg plukken te wensen
over.

4 maart 2012